ECLI:NL:RBDHA:2019:2333
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Recht op adequate opvang voor niet rechtmatig verblijvende vreemdeling met medische beperkingen
Eiser, een niet rechtmatig verblijvende vreemdeling met ernstige psychische stoornissen en verslavingsproblematiek, vordert passende opvang van verweerder. Verweerder weigerde adequate opvang te bieden en volstond met plaatsing in de vrijheidsbeperkende locatie (VBL), wat door eiser werd bestreden.
De rechtbank stelt vast dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft verricht naar de geschiktheid van de VBL als opvangvoorziening voor eiser, ondanks eerdere uitspraken die hem daartoe verplichten. Medische rapporten tonen aan dat eiser een beschermde woonomgeving met passende ondersteuning nodig heeft.
Verweerder heeft ook nagelaten te onderzoeken of alternatieve opvang in het Forensisch Psychiatrisch Centrum ([naam 1]) mogelijk is. De rechtbank oordeelt dat verweerder de artikelen 3 en 8 EVRM schendt door niet adequaat te voorzien in de opvangbehoefte van eiser.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op eiser onmiddellijk op zijn kosten op te vangen in de opvanglocatie Daalburgh of een vergelijkbare voorziening. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit en draagt verweerder op eiser onmiddellijk passende opvang te bieden in Daalburgh of een vergelijkbare voorziening.