In deze beschikking van 15 maart 2019 heeft de rechter-commissaris de voortzetting van het voorlopig getuigenverhoor in de civiele intellectueel-eigendomszaak tussen Ablynx N.V. en Unilever bepaald. Na eerdere verhoren in februari 2019 is overleg gevoerd over de beschikbaarheid van de resterende getuigen, waarbij Unilever beperkte data in juli en augustus 2019 aanbood. Ablynx maakte bezwaar tegen de geringe beschikbaarheid en stelde dat verhoren niet noodzakelijk aaneengesloten hoeven te zijn.
De rechter-commissaris bepaalde dat maximaal twee dagen nodig zijn voor de resterende verhoren, die niet aaneengesloten hoeven te zijn. De verhoren van de heer A en de heer B zijn vastgesteld op respectievelijk 25 juni en 10 juli 2019. De beschikbaarheid van mevrouw C wordt later vastgesteld, met het oog op doelmatigheid om haar op dezelfde dag als een andere getuige te horen.
Verder is afgesproken dat Engelstalige getuigenverklaringen woordelijk in het Engels worden vastgelegd door stenotypisten, waarbij de formele proces-verbaal in het Nederlands wordt opgesteld en ondertekend. Geluidsopnamen worden gemaakt en tolken zijn niet noodzakelijk. Ablynx is opgedragen te zorgen voor minimaal twee Engelstalige stenotypisten. De beschikking is ambtshalve uitvoerbaar bij voorraad verklaard.