ECLI:NL:RBDHA:2019:3164
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-behandeling asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiseres, een Liberiaanse nationaliteit houdende vrouw, heeft op 25 november 2018 in Nederland asiel aangevraagd. Verweerder heeft haar aanvraag niet in behandeling genomen omdat Italië op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling, gezien een eerdere asielaanvraag in Italië in april 2017. Nederland heeft een verzoek tot terugname bij Italië ingediend, dat met een claimakkoord van december 2018 heeft gegarandeerd de aanvraag te behandelen conform Europese richtlijnen.
Eiseres betoogt dat de overdracht aan Italië tot indirect refoulement leidt, mede vanwege de status van een eerder verleende Italiaanse verblijfsvergunning en systematische tekortkomingen in de Italiaanse asielprocedure en opvang, mede onder verwijzing naar het Salvini-decreet en diverse rapporten en artikelen. De rechtbank oordeelt dat de nationale verblijfsvergunning losstaat van de asielaanvraag en dat Italië zich aan internationale verplichtingen zal houden.
De rechtbank sluit zich aan bij eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die ondanks het Salvini-decreet het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië handhaven. Het Tarakhel-arrest leidt niet tot een uitzondering voor eiseres, die niet tot een kwetsbare groep behoort zoals gezinnen met jonge kinderen. Ook haar gezondheidsproblemen rechtvaardigen geen uitzondering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.