ECLI:NL:RBDHA:2020:3278
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek maatwerkvoorziening beschermd wonen voor ongedocumenteerde vreemdeling
Eiser, een ongedocumenteerde vreemdeling uit India, verzocht de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om een maatwerkvoorziening in de vorm van beschermd wonen vanwege noodzakelijke medische zorg. Dit verzoek werd door verweerder geweigerd en het bezwaar van eiser werd ongegrond verklaard. De rechtbank overweegt dat volgens de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak de staatssecretaris kan volstaan met het aanbieden van verblijf in een vrijheidsbeperkende locatie (VBL), waarbij een vreemdeling zich moet voorbereiden op medewerking aan vertrek uit Nederland.
Eiser stelde dat de VBL niet geschikt is voor hem omdat hij daar niet de noodzakelijke zorg kan krijgen en dat hij feitelijk elders was geplaatst. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris niet verplicht is voorafgaand aan het aanbod medisch onderzoek te laten verrichten en dat de medische beoordeling pas na toelating tot de VBL plaatsvindt. De jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat de VBL voldoet aan de verdragsverplichtingen onder de artikelen 3 en 8 EVRM.
De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat het niet vooraf bereid zijn om mee te werken aan vertrek een zelfstandige reden is om het verzoek af te wijzen. Tevens wordt het verzoek om vrijstelling van griffierecht toegewezen wegens betalingsonmacht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van het verzoek om beschermd wonen wordt ongegrond verklaard.