ECLI:NL:RBDHA:2020:7366
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tweede asielaanvraag wegens onvoldoende onderbouwing politieke vervolging Ethiopië
Eiser diende in 2014 een eerste asielaanvraag in die werd afgewezen en bevestigd door hogere instanties. In 2018 volgde een tweede aanvraag, gebaseerd op zijn politieke activiteiten voor de [beweging] en een iMMO-rapport dat lichamelijke en psychische klachten zou onderbouwen.
Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, stellende dat het iMMO-rapport niet voldeed aan de vereisten en dat de kern van het asielrelaas, de politieke activiteiten in Ethiopië, ongeloofwaardig was. De rechtbank bevestigt dit oordeel en verwijst naar jurisprudentie over het gewicht van iMMO-rapporten.
Verder concludeert de rechtbank dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk een reëel risico loopt op vervolging bij terugkeer naar Ethiopië, mede gelet op de situatie in Ethiopië en zijn beperkte politieke activiteiten in Nederland. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het opgelegde inreisverbod blijft van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tweede asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod blijft van kracht.