ECLI:NL:RBDHA:2020:7449
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing mvv-nareis wegens ontbreken individuele belangenafweging
Eiseres, van Soedanese nationaliteit, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij haar vermeende echtgenoot, die een verblijfsvergunning asiel heeft. De aanvraag werd afgewezen omdat het huwelijk niet als rechtsgeldig werd erkend en er geen duurzame en exclusieve relatie was. Verweerder stelde dat eiseres minderjarig was ten tijde van de binnenkomst van de referent, waardoor geen juridische relatie bestond.
De rechtbank stelde vast dat het huwelijk niet rechtsgeldig was volgens internationaal privaatrecht en dat de relatie niet gelijkgesteld kon worden met een huwelijk vanwege de minderjarige status van eiseres bij binnenkomst van de referent. Dit was in lijn met eerdere jurisprudentie en het beleid in de Vreemdelingencirculaire.
Echter, eiseres was meerderjarig ten tijde van de aanvraag, wat volgens de Gezinsherenigingsrichtlijn en relevante jurisprudentie een individuele belangenafweging door verweerder vereiste. Verweerder had nagelaten deze afweging te maken, waardoor het bestreden besluit onrechtmatig was.
De rechtbank vernietigde het besluit en beval verweerder binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de mvv-aanvraag wordt vernietigd vanwege het ontbreken van een individuele belangenafweging.