ECLI:NL:RBDHA:2020:8569
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardige geboortedatum en seksuele gerichtheid
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel op grond van zijn biseksuele geaardheid en de daaraan verbonden problemen in zijn land van herkomst. Verweerder wees de aanvraag af omdat de opgegeven geboortedatum niet geloofwaardig werd geacht en de seksuele gerichtheid onvoldoende aannemelijk was gemaakt.
De rechtbank overwoog dat het deskundigenrapport van Bureau Documenten onvoldoende zekerheid bood over de authenticiteit en juistheid van de geboorteakte. Eiser had geen contra-expertise ingebracht en wisselde bovendien in zijn verklaringen over zijn geboortedatum. Daarom mocht verweerder de geboortedatum die eiser in Italië had opgegeven als juist aannemen.
Ten aanzien van de seksuele gerichtheid stelde de rechtbank vast dat eiser vaag, summier en tegenstrijdig had verklaard over zijn biseksualiteit en de gevolgen daarvan. Ook de overgelegde foto’s en deelname aan COC-bijeenkomsten waren onvoldoende om zijn verhaal aannemelijk te maken.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de aanvraag als kennelijk ongegrond had afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.