ECLI:NL:RBDHA:2020:9670
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw die zwanger is, diende een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Italië op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling, gezien eerdere asielaanvragen van eiseres in Italië.
Eiseres voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is vanwege onduidelijkheden over de opvang en de impact van COVID-19 in Italië. Zij verwees naar eerdere uitspraken en interim measures van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM).
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, mede gelet op recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State die bevestigen dat Italië zijn internationale verplichtingen nakomt, ook voor kwetsbare asielzoekers zoals zwangere vrouwen.
De rechtbank vond dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de situatie in Italië structureel is verslechterd. De interim measures van het EHRM zijn volgens de rechtbank niet gemotiveerd en vormen geen reden om individuele garanties te eisen of het beroep aan te houden.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag is ongegrond verklaard.