Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 november 2021 in de zaken tussen
Procesverloop
Overwegingen
Feitenvaststelling
- Verweerder heeft zich naar het oordeel van de rechtbank terecht op het standpunt gesteld dat van eiseres mocht worden verwacht dat zij naar aanleiding van hetgeen de medisch secretaresse haar had verteld op 10 juli 2018 actie had ondernomen. Voor zover eiseres niet duidelijk was wat er precies aan de hand was, lag het op haar weg om dit uit te zoeken. Het gaat daarbij niet alleen om actie richting de patiënt, maar ook om actie richting haar leidinggevende. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van plichtsverzuim.
- De rechtbank is van oordeel dat verweerder het terecht niet geloofwaardig heeft geacht dat het eiseres niet duidelijk was dat zij na het gesprek op 23 oktober 2018 niet zonder meer mutaties kon aanbrengen in dossiers zonder haar leidinggevenden hiervan op de hoogte te stellen. Eiseres is tijdens het gesprek op 23 oktober 2018 geconfronteerd met het toestemmingsformulier. Haar is toen gevraagd om een lijst van Hix-dossiers, waarin door eiseres p.o. was ondertekend. Eiseres wist of behoorde te begrijpen dat haar leidinggevende de betreffende dossiers zou controleren op correcte verslaglegging zodra hij over deze dossiernummers kon beschikken. Tevens is eiseres gewezen op de ernst van de melding. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van plichtsverzuim.