Uitspraak
Rechtbank den haag
- de burgemeester van Den Haag, voor wie als gemachtigden optreden mrs. J.V. de Kort en J. Bootsma;
- Opera I B.V., Opera II B.V. en [belanghebbende sub 3] , voor wie als gemachtigde optreedt: mr. A. de Groot.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter in een bestuursrechtelijke zaak over nachtontheffingen voor zalencentra. Het verzoek betrof vermeende vooringenomenheid omdat de rechter het verzoek tot het horen van een getuige afwees. De wrakingskamer heeft het verzoek behandeld op basis van het proces-verbaal van de mondelinge behandeling, schriftelijke stukken en de reactie van de rechter.
De wrakingskamer overweegt dat wraking alleen mogelijk is bij concrete aanwijzingen van rechterlijke partijdigheid. Het enkel onjuist achten van een procedurele beslissing, zoals het afwijzen van een getuigenoproep, is onvoldoende. Wraking is geen verkapt rechtsmiddel tegen beslissingen die via het reguliere rechtsmiddel kunnen worden aangevochten.
De wrakingskamer wijst het verzoek daarom af en bepaalt dat de hoofdzaak wordt voortgezet. De beslissing is genomen door drie rechters en is in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen omdat een onjuiste procedurele beslissing geen grond voor wraking vormt.