ECLI:NL:RBDHA:2021:15586
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag wegens bescherming in Bulgarije
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet-ontvankelijk te verklaren, omdat hij in Bulgarije internationale bescherming geniet.
De rechtbank overweegt dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en de informatie van de Bulgaarse autoriteiten dat eiser een verblijfsstatus heeft. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de situatie in Bulgarije sinds eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) dermate is verslechterd dat hij bij terugkeer in een situatie zou komen die strijdig is met artikel 3 EVRM Pro.
Hoewel de positie van statushouders in Bulgarije moeilijk is, is niet gebleken dat zij in een situatie van verregaande materiële deprivatie verkeren. Eiser heeft bovendien geen serieuze poging gedaan om zijn rechten in Bulgarije te effectueren. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.