ECLI:NL:RBDHA:2021:16284
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Italië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. De rechtbank heeft het beroep samen met een vergelijkbare zaak op 20 juli 2021 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen.
De rechtbank overweegt dat verweerder gemotiveerd heeft ingegaan op de zienswijze van eiser, die onvoldoende concreet heeft gemaakt waarom deze motivering onjuist zou zijn. Eiser betwist het standpunt van verweerder dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië geldt, verwijzend naar rapporten en e-mails die volgens hem aantonen dat de situatie in Italië problematisch is voor Dublin-terugkeerders.
De rechtbank volgt echter de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die heeft geoordeeld dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië nog steeds geldt. Het nieuwe rapport van Raphaelswerk en het e-mailcontact van VluchtelingenWerk Nederland en een Italiaanse advocate bieden geen aanleiding tot een ander oordeel. Ook het beroep van eiser op het Tarakhel-arrest faalt, omdat hij zijn medische kwetsbaarheid niet met stukken heeft onderbouwd.
Ten slotte wijst de rechtbank het beroep af omdat de omstandigheden van eiser niet zodanig bijzonder zijn dat toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening gerechtvaardigd is. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.