ECLI:NL:RBDHA:2021:16320
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens voortduren dwangsomperiode en overmacht bestuursorgaan
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op hun aanvragen, nadat de rechtbank bij een eerdere uitspraak had bepaald dat binnen acht weken een besluit moest worden genomen.
De rechtbank overweegt dat een ingebrekestelling in principe vereist is, maar in dit geval niet omdat het beroep volgt op een eerdere uitspraak. Verweerder stelt zich op het standpunt dat vanwege overmacht de beslistermijn niet kon worden gehaald, verwijzend naar de coronacrisisperiode van 16 maart tot 16 mei 2020.
De rechtbank sluit zich aan bij eerdere uitspraken dat overmacht slechts geldt voor die periode, waardoor de dwangsom vanaf 7 juli 2020 is gaan lopen. Omdat de dwangsomperiode op 5 oktober 2020, de datum van indiening van het beroep, nog niet was verstreken, is het beroep niet-ontvankelijk. Tevens is geen sprake van nieuwe feiten of relevante wijzigingen die ontvankelijkheid zouden kunnen rechtvaardigen.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst de vordering af. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier N.J.R. Kalaykhan op 28 januari 2021.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk omdat de dwangsomperiode nog niet was verstreken en overmacht van verweerder geldt.