ECLI:NL:RBDHA:2021:2546
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na medische en arbeidskundige beoordeling
Eiser, voormalig oproepkracht, vroeg een WIA-uitkering aan na ziekte met klachten aan handen en armen. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn, gebaseerd op rapportages van verzekeringsarts en arbeidsdeskundige.
Eiser voerde aan dat zijn beperkingen onvoldoende waren meegewogen, onder meer vanwege pijnklachten, medicatiegebruik en taalbeperkingen. De rechtbank oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen in de functionele mogelijkhedenlijst adequaat waren gemotiveerd. Ook de arbeidskundige duiding van functies was passend, en de argumenten over taalvaardigheid en loonperiode werden verworpen.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit berust op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag en dat eiser onvoldoende arbeidsongeschikt is voor een WIA-uitkering. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de weigering van een WIA-uitkering bevestigd.