ECLI:NL:RBDHA:2021:4038
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende individuele beoordeling middelenvereiste
Eiseressen vroegen om een machtiging tot voorlopig verblijf voor verblijf bij hun moeder, referente. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens het niet voldoen aan het middelenvereiste, gebaseerd op het inkomen van referente dat in enkele periodes onder het normbedrag lag.
Eiseressen stelden dat verweerder ten onrechte geen individuele beoordeling maakte en dat referente gedurende drie jaar overwegend stabiele en voldoende inkomsten had, zonder ooit een beroep op bijstand te doen. Zij overlegden een arbeidsovereenkomst en werkgeversverklaring die een dienstverband van 40 uur per week en een contractverlenging bevestigden.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onterecht strikt vasthield aan het normbedrag en het ex tunc-beginsel te strikt toepaste, waardoor relevante stukken buiten beschouwing bleven. Op grond van jurisprudentie van het Hof van Justitie moet verweerder prospectief en evenwichtig beoordelen of sprake is van duurzame en voldoende middelen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht en gaf verweerder zes weken om een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken.