ECLI:NL:RBDHA:2021:4835
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eerste arbeidsongeschiktheidsdag bij WIA-uitkering na geschil over herstelmelding
Betrokkene was werkzaam bij eiser en meldde zich op 13 augustus 2017 ziek. Eiser betwistte dat deze datum de eerste arbeidsongeschiktheidsdag is, omdat betrokkene op 24 september 2018 volledig hersteld zou zijn gemeld en per 1 november 2018 uit dienst trad met gebruikmaking van een carrièreregeling.
Verweerder kende betrokkene een WIA-uitkering toe met als eerste arbeidsongeschiktheidsdag 13 augustus 2017. Eiser maakte bezwaar en stelde dat de ziekmelding te laat was en dat medische informatie ontbrak om de datum te onderbouwen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep (b&b) onderzocht het dossier en concludeerde dat er geen reden was de datum te wijzigen.
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts b&b zijn oordeel voldoende had gemotiveerd en dat eiser zijn stellingen niet medisch had onderbouwd. De rechtbank vond de medische beoordeling zorgvuldig en zag geen aanleiding om de datum van 13 augustus 2017 te verwerpen.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag op 13 augustus 2017.