ECLI:NL:RBDHA:2021:5838
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ouderdomspensioen correct herzien naar gehuwdennorm wegens ontbreken duurzaam gescheiden leven
Eiser ontving vanaf juni 2010 een AOW-pensioen volgens de alleenstaandennorm. Na zijn huwelijk in mei 2019 en het melden dat zijn echtgenote in het buitenland woont, herzag de Sociale Verzekeringsbank het pensioen naar de gehuwdennorm. Eiser stelde dat hij duurzaam gescheiden leeft van zijn echtgenote, omdat zij geen gezamenlijke huishouding voeren en geen financiële of zorgtaken delen.
De rechtbank toetste dit aan vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep, die vereist dat duurzaam gescheiden leven inhoudt dat echtgenoten elk een eigen leven leiden alsof zij niet gehuwd zijn, en dat deze situatie bestendig is bedoeld. Het enkele feit dat zij niet samenwonen is onvoldoende. De rechtbank vond dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij en zijn echtgenote een dergelijk duurzaam gescheiden leven leiden, mede omdat zij elkaar regelmatig zien, contact onderhouden en gezamenlijke zorgaspecten vertonen.
De rechtbank verwierp het beroep en bevestigde dat het pensioen terecht is herzien naar de gehuwdennorm. De verwijzingen van eiser naar beleidsregels en eerdere jurisprudentie over gezamenlijke huishouding konden het oordeel niet veranderen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het ouderdomspensioen blijft herzien naar de gehuwdennorm.