Uitspraak
REchtbank DEN Haag
[verzoekers] e.a., allen te [woonplaats] , verzoekers
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, verweerder
Procesverloop
.
Rechtbank Den Haag
De gemeente Den Haag verleende een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een voetbalkooi nabij nieuwbouwwoningen in Scheveningen Haven. Verzoekers, bewoners van deze nieuwbouwwoningen, stelden dat voorafgaand aan het besluit geen onderzoek naar de geluidshinder was verricht en vrezen onaanvaardbare geluidsoverlast.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de vergunninghouder al met bouwwerkzaamheden is begonnen en dat verzoekers een spoedeisend belang hebben bij het voorkomen van nadelige effecten op hun woon- en leefklimaat. De rechter stelt vast dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat de geluidproductie binnen de gestelde grenzen blijft en dat de verwijzing naar de oude voetbalkooi niet toereikend is, zeker gezien de gewijzigde situatie door nieuwbouw.
Het ontbreken van een deugdelijke ruimtelijke motivering en het niet onderbouwen van het achterwege blijven van nader onderzoek leiden tot de conclusie dat de vergunningverlening niet voldoet aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en de vergunning geschorst tot zes weken na uitspraak in de bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en de omgevingsvergunning voor de voetbalkooi geschorst wegens onvoldoende motivering van de geluidshinder.