ECLI:NL:RBDHA:2021:877
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen afwijzing mvv-aanvragen nareis op grond van feitelijke gezinsband
Eisers, allen van Eritrese nationaliteit en familie van de referent, hebben mvv-aanvragen ingediend voor nareis. Verweerder wees deze af omdat de feitelijke gezinsband tussen de referent en haar ouders volgens hem was verbroken, mede vanwege de meerderjarigheid van de referent en haar zelfstandige gezinssituatie.
De rechtbank oordeelt dat verweerder het peilmoment voor de beoordeling van de feitelijke gezinsband onjuist heeft toegepast. Volgens artikel 1.27 van het Vreemdelingenbesluit 2000 moet het recht worden toegepast zoals dat gold op het moment van ontvangst van de aanvraag, toen de referent minderjarig was.
De rechtbank stelt vast dat het beleid dat verweerder toepaste pas sinds april 2020 geldt en dat het niet gunstiger is dan het beleid ten tijde van de aanvraag. Daarom kan het bestreden besluit niet in stand blijven. Ook het besluit ten aanzien van eisers 3 en 4 hangt daarmee samen en wordt eveneens vernietigd.
Verweerder wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen en wordt veroordeeld in de proceskosten van €1.068,-. Het beroep wordt gegrond verklaard en de bestreden besluiten worden vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de bestreden besluiten worden vernietigd, met opdracht tot nieuwe besluitvorming.