ECLI:NL:RBDHA:2021:9279
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning wegens bewust achterhouden gegevens en niet voldoen middelenvereiste
Eiseres, met de Vietnamese nationaliteit, had een verblijfsvergunning die met terugwerkende kracht werd ingetrokken door verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, omdat haar referent een gefingeerd dienstverband zou hebben gehad en bewust gegevens had achtergehouden. Tevens werd een inreisverbod van twee jaar opgelegd.
Eiseres stelde dat verweerder geen concrete individuele beoordeling had gemaakt en dat zij en haar referent nooit bijstand hadden aangevraagd. Verweerder stelde dat het dienstverband van de referent was beëindigd vóór de vergunningverlening en dat er sprake was van misleiding door het niet melden van deze beëindiging.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht had vastgesteld dat het middelenvereiste niet werd voldaan en dat er sprake was van bewust achterhouden van gegevens, wat een intentie tot ontduiking van de voorwaarden impliceert. Daarnaast was er geen schending van de hoorplicht, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was.
Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en het inreisverbod werd niet bestreden. De uitspraak werd gedaan door rechter M.D. Gunster op 23 juni 2021.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de intrekking van haar verblijfsvergunning en het inreisverbod is ongegrond verklaard.