ECLI:NL:RBDHA:2021:9400
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens veilig derde land Tunesië
Eiser, een Syrische nationaliteit dragende vreemdeling, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet-ontvankelijk is verklaard op grond van het veilig derde land beginsel met betrekking tot Tunesië.
De staatssecretaris baseerde dit besluit op het feit dat eiser een zodanige band met Tunesië heeft, onder meer doordat zijn echtgenote en dochter de Tunesische nationaliteit bezitten en hij eerder in Tunesië heeft verbleven. Daarnaast is Tunesië partij bij internationale verdragen en wordt het geacht het non-refoulement beginsel na te leven.
Eiser voerde aan dat Tunesië niet als veilig derde land kan worden aangemerkt vanwege verslechterde mensenrechtensituaties en zijn persoonlijke situatie als reservist van het Syrische leger, alsmede het ontbreken van een redelijke band met Tunesië en de weigering van visumaanvragen. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Tunesië niet veilig is of dat hij geen toegang zal krijgen.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat het bestreden besluit terecht is genomen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot verblijfsvergunning asiel wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het veilig derde land beginsel met betrekking tot Tunesië.