Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter van 19 oktober 2022 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
[derde-partij] B.V.te [vestigingsplaats] .
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
19 oktober 2022.
Rechtbank Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn verleende op 7 september 2021 een omgevingsvergunning voor de aanleg van een fietsbrug. Eiser stelde bezwaar tegen dit besluit, dat op 22 april 2022 werd gehandhaafd. Eiser stelde beroep in en vroeg tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter stelde in een tussenuitspraak het college in de gelegenheid om het besluit te herstellen door de vergunning uit te breiden tot aanleg van een fietspad.
Het college verleende vervolgens op 9 september 2022 een aanvullende vergunning voor de aanleg van een fietspad met fietsbrug. Eiser betoogde dat deze uitbreiding niet was toegestaan en dat het beroep zich alleen tegen de fietsbrug betrof. De voorzieningenrechter oordeelde dat het gebrek in het eerste besluit daarmee was hersteld en verklaarde het beroep tegen het tweede besluit ongegrond.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het tracé van het fietspad niet in deze procedure aan de orde kon komen, maar stuurde de zienswijze van eiser over het fietspad door naar het college ter behandeling als bezwaar. Het beroep tegen het eerste besluit werd gegrond verklaard voor zover daarin geen aanlegvergunning was verleend en het college werd opgedragen het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het eerste besluit is gegrond en vernietigd voor zover geen aanlegvergunning is verleend; het beroep tegen het tweede besluit is ongegrond verklaard; de zienswijze over het fietspad wordt doorgezonden als bezwaar.