ECLI:NL:RVS:2011:BR5704
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vernietiging bouwvergunning reclamezuil wegens motiveringsgebrek
Het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout verleende op 15 juli 2008 een reguliere bouwvergunning aan appellante voor het plaatsen van een reclamezuil met airco-unit op een perceel te Oosterhout. Na bezwaar van wederpartij herzag het college het besluit op 3 september 2009, verleende een vrijstelling en bouwvergunning, maar dit besluit werd door de rechtbank Breda vernietigd wegens een motiveringsgebrek omtrent de welstandstoets.
De rechtbank gaf het college de gelegenheid het motiveringsgebrek te herstellen, maar vernietigde uiteindelijk het besluit omdat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het bouwplan voldeed aan de criteria van de Welstandsnota en de Reclamenota. Appellante stelde dat de rechtbank ten onrechte het beroep gegrond had verklaard en dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand hadden moeten blijven.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht het motiveringsgebrek had vastgesteld, maar dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van het besluit van 3 september 2009 niet in stand had gelaten. De Afdeling stelde vast dat het bouwplan past binnen de criteria van paragraaf 6.0 van de Reclamenota, dat de Sint Antoniusstraat een verbindingsas is en dat het college het bouwplan voldoende had afgestemd op de omgeving. Het hoger beroep van appellante werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd voor zover deze de rechtsgevolgen niet in stand liet, en de rechtsgevolgen van het besluit van 3 september 2009 werden geheel in stand gelaten.
Tegelijkertijd werd het beroep van wederpartij tegen het besluit van 14 februari 2011 gegrond verklaard en dit besluit vernietigd omdat de grondslag ervan was komen te vervallen. Tot slot werd appellante het betaalde griffierecht van €448,00 vergoed en werden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het besluit van 3 september 2009 blijven in stand; het besluit van 14 februari 2011 wordt vernietigd.