ECLI:NL:RBDHA:2022:12528
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verblijfsrecht EU/EER wegens duurzaam verblijf in Spanje
Eiseres, met de Dominicaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsdocument EU/EER in Nederland, gebaseerd op haar verblijf bij haar Nederlandse zoon in Spanje. Verweerder wees de aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiseres verscheen niet op de zitting.
De rechtbank oordeelt dat eiseres duurzaam verblijfsrecht in Spanje bezit, wat het beroep op artikel 22 VWEU Pro faalt. Zij heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het verblijfsrecht in Spanje is geëindigd of dat haar zoon niet in Spanje kan verblijven. Ook het beroep op artikel 21 VWEU Pro is onvoldoende onderbouwd, mede omdat eiseres geen bewijs leverde dat zij en haar zoon minimaal drie maanden samen in Spanje verbleven.
Verweerder mocht daarom afzien van het horen in bezwaar, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en wijst het af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en afgewezen.