ECLI:NL:RBDHA:2022:13323
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende risico op ernstige schade
Eiser, een Marokkaanse staatsburger, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege zijn lidmaatschap van een democratische beweging, deelname aan demonstraties en gevangenschap met marteling. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond omdat het asielrelaas niet geloofwaardig werd bevonden.
De rechtbank bevestigt dat eiser zijn verhaal onvoldoende met documenten heeft onderbouwd en dat tegenstrijdigheden in zijn verklaringen de geloofwaardigheid aantasten. Verweerder heeft een uitgebreide beoordeling uitgevoerd en het ontbreken van bewijs en inconsistenties meegewogen.
De rechtbank oordeelt dat Marokko als veilig land geldt en eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk een reëel risico op ernstige schade loopt. Ook de vermeende betrokkenheid bij de 20 februari revolutie en de opgegeven detentie zijn niet overtuigend bewezen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.