ECLI:NL:RBDHA:2022:153
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Recht op AOW voor alleenstaande bij duurzaam gescheiden leven ondanks huwelijk
Eiser was sinds 1987 gehuwd maar woont sinds september 2017 duurzaam gescheiden van zijn echtgenote. Na een systeemmelding onderzocht de Sociale Verzekeringsbank (SVB) zijn woonsituatie en besloot de AOW voort te zetten als gehuwde. Eiser startte een echtscheidingsprocedure in december 2019 en verzocht om AOW voor alleenstaanden vanaf 1 januari 2020.
De SVB handhaafde haar besluit dat er geen sprake was van duurzaam gescheiden leven vanwege financiële verbondenheid en zorg voor elkaar. De rechtbank stelde vast dat het huwelijk nog niet was ontbonden, maar dat het ingediende echtscheidingsverzoek een objectief waarneembare wens tot duurzame verbreking van de echtelijke samenleving vormde.
De rechtbank concludeerde dat vanaf 1 januari 2020 sprake was van duurzaam gescheiden leven, mede gelet op het ontbreken van gezamenlijke rekeningen, het ontbreken van onderlinge zorg en het karakter van de betalingen als partneralimentatie. De primaire besluiten van de SVB werden vernietigd en de AOW werd aangepast naar de norm voor alleenstaanden. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht, proceskosten en wettelijke rente over de nabetaling.
Uitkomst: Rechtbank wijzigt AOW-toekenning per 1 januari 2020 naar alleenstaande wegens duurzaam gescheiden leven.