ECLI:NL:RBDHA:2022:2256
Rechtbank Den Haag
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopig getuigen-/deskundigenverhoor inzake collectieve actie mondkapjesplicht
De Stichting Bewust Nederland verzocht de rechtbank om een voorlopig getuigen- en deskundigenverhoor te bevelen ter voorbereiding van een mogelijke collectieve bodemprocedure op grond van artikel 3:305a BW over de onrechtmatigheid van de mondkapjesplicht. De mondkapjesplicht was ingesteld door de Nederlandse overheid als maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus en gold vanaf 1 december 2020 in diverse publieke binnenruimten.
De rechtbank overwoog dat het verzoek niet ter beoordeling van de toewijsbaarheid van de vordering diende, maar dat het verzoek kon worden afgewezen wegens onvoldoende belang als niet aannemelijk is dat aan de vereisten van artikel 3:305a BW wordt voldaan. Dit was hier het geval omdat er reeds een collectieve actie over hetzelfde onderwerp aanhangig was, ingeschreven op 24 augustus 2021 in het centraal register voor collectieve vorderingen.
De Stichting had niet binnen de wettelijke termijn van drie maanden na inschrijving een eigen collectieve vordering ingesteld noch om verlenging gevraagd, waardoor zij geen belang had bij het verzoek. Bovendien ging het verzoek om bewijsvergaring over dezelfde feitelijke en juridische vragen als de reeds aanhangige collectieve actie, zodat het verzoek niet kon worden gehonoreerd om de rechtsbedeling efficiënt te laten verlopen.
De rechtbank concludeerde dat het verzoek van de Stichting moest worden afgewezen en veroordeelde de Stichting in de proceskosten. De beslissing werd uitgesproken door rechter H.J. Vetter op 18 maart 2022.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopig getuigen-/deskundigenverhoor wordt afgewezen wegens onvoldoende belang en bestaande collectieve actie.