ECLI:NL:RBDHA:2022:2386
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na bedrijfsongeval terecht verklaard
Eiseres ontving een Ziektewetuitkering na een bedrijfsongeval waarbij zij nek-, rug- en schouderklachten opliep. Na een eerstejaars beoordeling stopte het UWV de uitkering per 2 november 2020 op basis van medische en arbeidskundige rapporten die aangaven dat eiseres meer dan 65% van haar loon kon verdienen met aangepaste functies.
Eiseres maakte bezwaar en stelde dat haar klachten chronisch waren en haar arbeidsvermogen beperkten. Zij overhandigde medische informatie van haar behandelaars, maar de verzekeringsarts bezwaar en beroep bevestigde het eerdere oordeel. De rechtbank oordeelde dat alleen medisch objectiveerbare beperkingen van vóór 2 november 2020 relevant zijn en dat de klachten na die datum niet in aanmerking worden genomen.
De rechtbank vond de medische rapporten zorgvuldig en voldoende gemotiveerd en concludeerde dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst juist waren vastgesteld. De arbeidskundige beoordeling bevestigde de geschiktheid van de voorgestelde functies. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en bleef de beëindiging van de Ziektewetuitkering in stand.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 2 november 2020.