Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiseres], eiseres,
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
.Eiseres heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde. Ook is haar moeder ter zitting verschenen. Verweerder is met voorafgaande kennisgeving niet ter zitting verschenen.
Overwegingen
Samengevat stelt u zich op het standpunt dat het nationale recht en de jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) in strijd zijn met het Unierecht. U verwijst daarbij naar zowel richtlijn 2003/109/EG als richtlijn 2003/86/EG. Dit komt, zo stelt u, omdat uit het Unierecht blijkt dat er al een juridische aanspraak op toelating kan ontstaan, voordat een aanvraag tot een verblijfsvergunning is ingediend. Dat maakt, zo vindt u, dat korte onderbrekingen van het verblijfsrecht
Beslissing
A. Groeneveld, rechter, in aanwezigheid van mr. H. Tchang, griffier.