ECLI:NL:RBDHA:2022:8207
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugkeerbesluit en tienjarig inreisverbod wegens ernstige bedreiging openbare orde door betrokkenheid cocaïnewasserij
Eiser, van Colombiaanse nationaliteit, werd veroordeeld tot 48 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van bewerking van cocaïne in een professionele cocaïnewasserij. Na zijn detentie keerde hij terug naar Colombia. Verweerder legde een terugkeerbesluit en een tienjarig inreisverbod op vanwege het gevaar dat eiser vormt voor de openbare orde.
Eiser betoogde dat het terugkeerbesluit onjuist was omdat het land van terugkeer niet was vermeld en dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd dat hij een ernstige bedreiging vormt. De rechtbank stelde vast dat Colombia als land van terugkeer duidelijk in het besluit staat en dat eiser hiervan op de hoogte was. Tevens oordeelde de rechtbank dat verweerder de ernst van het opiumdelict en de actuele dreiging voldoende had meegewogen.
De rechtbank verwierp het beroep van eiser en oordeelde dat het inreisverbod terecht is opgelegd en niet in strijd is met het EVRM. Eiser kon ook geen humanitaire of andere redenen aandragen om het inreisverbod te verkorten of af te zien. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en het tienjarige inreisverbod wordt ongegrond verklaard.