ECLI:NL:RBDHA:2022:8723
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongeldigverklaring rijbewijs wegens blokkering tweede geschiktheidsonderzoek
Eiser heeft een rijbewijs dat ongeldig is verklaard door het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) nadat hij niet de vereiste medewerking zou hebben verleend aan een tweede onderzoek naar zijn geschiktheid. Dit tweede onderzoek was opgelegd vanwege alcoholgebruik tijdens het verkeer. Eiser maakte gebruik van zijn blokkeringsrecht door geen toestemming te geven voor verzending van het conceptrapport van het tweede onderzoek naar het CBR.
Eiser betoogde dat hij wel degelijk volledig had meegewerkt door te verschijnen bij beide onderzoeken en dat het blokkeringsrecht enkel het eerste onderzoek leidend maakt. Hij stelde dat het blokkeren van het tweede onderzoek niet als het niet verlenen van medewerking mag worden gezien, mede omdat hij zijn alcoholgebruik had verminderd en zijn werk afhankelijk is van het rijbewijs.
De rechtbank oordeelde dat vaste jurisprudentie van de hoogste bestuursrechter duidelijk maakt dat het gebruik van het blokkeringsrecht bij het tweede onderzoek gelijkstaat aan het niet verlenen van vereiste medewerking. Hierdoor was het CBR verplicht het rijbewijs ongeldig te verklaren. De rechtbank vond de gevolgen voor eiser niet dusdanig uitzonderlijk dat de regeling buiten toepassing zou moeten blijven.
Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens het niet verlenen van vereiste medewerking wordt ongegrond verklaard.