ECLI:NL:RBDHA:2023:10181
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nadeelcompensatie wegens herinrichting route Kijkduin-Houtrust
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van V.O.F. tegen het college van burgemeester en wethouders van Den Haag inzake de afwijzing van nadeelcompensatie voor omzetschade door de herinrichting van de route Kijkduin-Houtrust.
De rechtbank oordeelde dat het college terecht slechts 10% van de omzetschade toerekent aan de route-herinrichting en dat na correctie voor het normaal maatschappelijk risico geen resterende schade is die voor vergoeding in aanmerking komt. De aanvraag om planschade werd eerder afgewezen wegens het ontbreken van een nadelige planologische wijziging.
De rechtbank verwierp het beroep onder meer omdat het college niet verplicht was een verzwaarde motiveringsplicht toe te passen bij de contra-expertise, het gelijkheidsbeginsel niet werd geschonden door een andere behandeling dan in een vergelijkbare zaak, en de verkeerskundige analyse geen aanwijzingen gaf voor een significante terugloop van bezoekers.
Ook werd geoordeeld dat het normaal maatschappelijk risico correct werd toegepast en dat de schadeveroorzakende maatregelen niet als één maatregel konden worden beschouwd. De voorzienbaarheid van de schade was voldoende gegeven. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van nadeelcompensatie wegens de herinrichting van de route Kijkduin-Houtrust wordt ongegrond verklaard.