ECLI:NL:RBDHA:2023:11227
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vervanging gecertificeerde instelling en gedeeltelijke gezagsuitoefening voor inschrijving kinderen
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot vervanging van Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden door Jeugdbescherming Brabant, omdat de kinderen [naam1] en [naam2] in augustus 2023 met hun moeder naar Noord-Brabant verhuizen. De huidige gecertificeerde instelling blijft belast met de ondertoezichtstelling tot 30 januari 2024. De verhuizing maakt het noodzakelijk dat een gecertificeerde instelling uit de nieuwe regio de zorg en coördinatie overneemt.
Daarnaast verzocht de gecertificeerde instelling om via de geschillenregeling toestemming te verkrijgen voor inschrijving van de kinderen bij een nieuwe school, huisarts en tandarts in de buurt van de moeder. De vader weigert echter toestemming te geven en wil niet in gesprek met de jeugdbeschermer. De kinderrechter oordeelt dat de geschillenregeling niet de juiste grondslag biedt voor dit verzoek en past daarom analoog artikel 1:265e BW toe, waarmee gedeeltelijke gezagsuitoefening aan de gecertificeerde instelling wordt toegekend voor deze specifieke zaken.
De kinderrechter bepaalt dat het gezag van de vader over de inschrijving van de kinderen op school en bij medische zorg voor de duur van de ondertoezichtstelling wordt uitgeoefend door de gecertificeerde instelling. Dit bevordert een soepele overgang naar de nieuwe woonplaats en schoolomgeving. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.
Uitkomst: De kinderrechter vervangt de gecertificeerde instelling en kent gedeeltelijke gezagsuitoefening toe voor inschrijving en medische zorg van de kinderen.