Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] eiser 1,
[naam], eiser 2,
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
ProcesverloopBij besluiten van 1 november 2022 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van eisers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingewilligd.
Overwegingen
- het bestuursorgaan daar naar nationaal recht toe bevoegd is;
- het besluit definitief is geworden ten gevolge van een uitspraak van een nationale rechterlijke instantie die uitspraak doet in laatste aanleg;
- die uitspraak, gelet op latere rechtspraak van het Hof, berust op een onjuiste uitlegging van het Unierecht, die is gegeven zonder dat het Hof overeenkomstig artikel 267, derde alinea, VWEU is verzocht om een prejudiciële beslissing;
- de betrokkene zich tot de bestuurlijke instantie heeft gewend onmiddellijk (‘binnen een redelijk termijn’) na van die rechtspraak kennis te hebben genomen.