ECLI:NL:RBDHA:2023:12189
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens ontbreken van materieel belang bij WOZ-waarde aanleunwoning
Eiser, huurder van een aanleunwoning met een gebruiksoppervlakte van circa 98 m2, stelde dat de vastgestelde WOZ-waarde van €341.000 onjuist was omdat geen rekening was gehouden met de specifieke aard van de woning. Verweerder handhaafde de waarde en verwees naar een taxatierapport met vergelijkingsobjecten.
De rechtbank oordeelde dat eiser formeel belanghebbende is en ontvankelijk in het beroep, maar dat hij geen materieel procesbelang heeft omdat een verlaging van de WOZ-waarde niet leidt tot een verlaging van de huur of andere directe financiële gevolgen voor hem. Ook werden geen belastingen opgelegd waarbij de WOZ-waarde als heffingsmaatstaf diende.
Daarom is niet voldaan aan het relativiteitsvereiste van artikel 8:69a Awb, en is het beroep ongegrond verklaard zonder inhoudelijke beoordeling van de WOZ-waarde. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van een direct financieel belang van eiser.