Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 13 mei 2022. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend, maar heeft op 21 juli 2023 de asielaanvraag van eiseres ingewilligd. De rechtbank heeft eiseres gevraagd of zij het beroep wilde intrekken, maar zij heeft niet gereageerd, waardoor het beroep gehandhaafd bleef.
De rechtbank overweegt dat nu het beroep geheel is ingewilligd, er geen procesbelang meer is om het beroep voort te zetten. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 13 november 2022 eindigen, maar is met ingang van 27 september 2022 rechtsgeldig verlengd met negen maanden op grond van WBV 2022/22, waardoor de termijn pas op 13 augustus 2023 afloopt.
De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling van 7 april 2023 te vroeg was en dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is. Hierdoor is er geen grond voor proceskostenveroordeling. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na inwilliging.