ECLI:NL:RBDHA:2023:141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens uitsluiting bestuurlijke dwangsommen bij asielaanvraag
Eiser stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 9 juli 2021. Nadat verweerder de aanvraag op 6 april 2022 had ingewilligd, handhaafde eiser het beroep met betrekking tot de vraag of bestuurlijke dwangsommen waren verbeurd.
De rechtbank overwoog dat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND de toepassing van bestuursrechtelijke dwangsomregels op asielaanvragen uitsluit, waardoor verweerder geen dwangsommen kan verbeuren. Hoewel eiser verwees naar eerdere uitspraken die deze uitsluiting onverbindend achten wegens strijd met het Unierecht, oordeelde de rechtbank dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State deze uitsluiting juist niet in strijd acht met het Unierechtelijke gelijkwaardigheids- en doeltreffendheidsbeginsel.
Daarom ontbrak het eiser aan procesbelang en werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank veroordeelde verweerder in de proceskosten van €418,50, omdat het beroep was ingesteld tegen het niet tijdig beslissen, wat een geldige grond voor beroep is.
De uitspraak werd gedaan door rechter J.F.I. Sinack zonder zitting en openbaar gemaakt op 11 januari 2023.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang, met veroordeling van verweerder in proceskosten.