Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres,
Inleiding
Wat ging aan deze procedure vooraf
Wat vindt het UWV
.
Rechtbank Den Haag
Eiseres diende beroep in tegen het besluit van het UWV waarbij haar arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 51,91% en een loongerelateerde WGA-uitkering werd toegekend. Zij betwistte de toepassing van de praktische schatting en stelde dat de nieuwe functie niet duurzaam kon worden uitgeoefend, en dat de medische beoordeling onjuistheden bevatte.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) juist waren vastgesteld. De stellingen van eiseres over overschrijding van belastbaarheid en beperkingen in persoonlijk functioneren werden niet gevolgd, mede omdat zij onvoldoende onderbouwing leverde.
De rechtbank vond dat de werkzaamheden die eiseres verrichtte passend waren en dat het loon representatief was voor haar resterende verdiencapaciteit. De praktische schatting was daarom terecht toegepast. Hoewel er sprake was van een motiveringsgebrek in het bezwaarbesluit, werd dit hersteld in de beroepsprocedure en was er geen sprake van benadeling.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en beval vergoeding van het betaalde griffierecht aan eiseres. Het UWV hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het UWV heeft terecht een praktische schatting toegepast bij het vaststellen van 51,91% arbeidsongeschiktheid.