ECLI:NL:RBDHA:2023:15947
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond vervolgberoep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling met zicht op uitzetting
Eiser, een vreemdeling met de Marokkaanse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van zijn maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De maatregel is gebaseerd op artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 en duurt voort sinds februari 2023.
De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van deze maatregel getoetst en beoordeelt nu alleen of sinds het laatste onderzoek in september 2023 de maatregel nog steeds rechtmatig is. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko, omdat zijn aanvraag voor een laissez-passer acht maanden geleden is ingediend zonder zicht op afgifte of presentatie bij de Marokkaanse autoriteiten. Tevens voert hij aan dat de belangenafweging in zijn voordeel moet uitvallen.
De rechtbank oordeelt dat er wel degelijk zicht is op uitzetting, mede omdat de staatssecretaris heeft aangegeven dat de Marokkaanse autoriteiten de afgifte van laissez-passers in vergelijkbare zaken faciliteren en dat een persoonlijke presentatie niet altijd vereist is. Eiser heeft zich passief opgesteld en onvoldoende medewerking verleend, wat zijn kansen op uitzetting belemmert. De belangenafweging leidt tot het oordeel dat het belang van de staat bij voortzetting van de bewaring zwaarder weegt dan het belang van eiser bij invrijheidstelling.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.