ECLI:NL:RBDHA:2023:17068
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag van 7 maart 2023 niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. De rechtbank heeft het onderzoek zonder zitting gesloten omdat partijen geen zitting wensten.
Eiser betoogde dat Kroatië niet mag worden vertrouwd vanwege zijn persoonlijke ervaringen met detentie, gebrek aan toegang tot eten, medicatie en juridische bijstand, en gedwongen uitzetting naar Slovenië. Hij stelde dat de Kroatische asielprocedure niet voldoet aan de minimumnormen van de EU-richtlijn en verwees naar een recente uitspraak waarin het interstatelijk vertrouwensbeginsel kritisch werd beoordeeld.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, zoals bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij niet kan klagen bij de Kroatische autoriteiten. Ook faalde het betoog dat de staatssecretaris op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening de aanvraag onverplicht aan zich had moeten trekken wegens bijzondere individuele omstandigheden of risico op indirect refoulement.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser is ongegrond verklaard en het besluit om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.