Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
additional elements of dependancy involving more than the normal emotional ties). Of een dergelijke band aanwezig is, moet van geval tot geval worden beoordeeld aan de hand van alle relevante feitelijke omstandigheden. Daarbij mag geen doorslaggevend gewicht worden toegekend aan de vraag of sprake is van exclusieve afhankelijkheid. Dit staat in de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 4 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1003.
fair balance) worden gevonden tussen de belangen van de vreemdeling enerzijds, en die van de Nederlandse overheid anderzijds. Ook hierbij moeten alle relevante omstandigheden van het individuele geval worden betrokken. Verblijf in Nederland kan pas worden toegestaan als de afweging in het voordeel van de vreemdeling uitvalt.
ex tunc-toetsing). Zowel eiseres als verweerder hebben het standpunt ingenomen dat moet worden gekeken naar het moment van vertrek van referente uit Pakistan. Die uitzondering doet zich echter alleen voor als sprake is van een nareissituatie zoals bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Een dergelijke situatie is in deze zaak niet aan de orde. Zo is de aanvraag niet ingediend binnen drie maanden nadat referente haar asielvergunning kreeg.
margin of appreciation).
Stcrt.2019, 34157) heeft verweerder het jongvolwassenenbeleid verduidelijkt. Volgens eiseres houdt deze verduidelijking tevens een wijziging van het beleid in, in die zin dat er anders dan voorheen cumulatief moet worden voldaan aan alle voorwaarden. Eiseres verwijst hierbij naar de annotaties van Vreede in
JV2023/233 en van Vreede en Besselsen in
JV2023/75.