ECLI:NL:RBDHA:2023:18321
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep op verhoging militair invaliditeitspensioen wegens PTSS
Eiser, sinds 1985 in dienst bij de Koninklijke Marine en sinds 2019 blijvend dienstongeschikt door PTSS en tinnitus, vordert een hogere bijzondere invaliditeitsverhoging dan de toegekende 2,5% per 23 januari 2020. Verweerder heeft dit percentage vastgesteld na een militair geneeskundig onderzoek en heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
Eiser stelt dat de PTSS en aanpassingsstoornis onvoldoende zijn meegewogen, maar de rechtbank oordeelt dat de verzekeringsarts de invaliditeitspercentages deugdelijk en inzichtelijk heeft onderbouwd. De PTSS is volgens het MGO vrijwel in volledige remissie, en de aanpassingsstoornis is niet meer aanwezig. De slaapproblemen en stressgevoeligheid zijn beoordeeld binnen het PTSS-protocol en leiden niet tot een hogere score.
De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat geen hogere invaliditeitsverhoging toekomt en dat voor de aanpassingsstoornis geen dienstverband wordt erkend. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, met als gevolg dat eiser geen hogere uitkering ontvangt en geen proceskostenvergoeding krijgt.
Uitkomst: Het beroep tegen de toekenning van een bijzondere invaliditeitsverhoging van 2,5% wordt ongegrond verklaard.