ECLI:NL:RBDHA:2023:18912
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet-tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser heeft op 29 september 2023 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 12 juni 2022. De wettelijke beslistermijn van zes maanden werd door de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 op 27 september 2022 met negen maanden verlengd, waardoor de beslistermijn op 12 september 2023 eindigde.
De rechtbank oordeelt dat de verlenging rechtsgeldig is, conform eerdere uitspraken van dezelfde rechtbank. Eiser stelde de staatssecretaris op 12 september 2023 in gebreke, waarna twee weken verstreken voordat het beroep werd ingesteld. Dit maakt het beroep kennelijk gegrond.
Vanwege achterstanden bij de IND acht de rechtbank bijzondere omstandigheden aanwezig en bepaalt dat de staatssecretaris binnen acht weken na de uitspraak een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd, met een maximum van €7.500. De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van €418,50. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en griffier Ż.A. Meinert.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken alsnog een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom.