Uitspraak
- namens eiseres: de gemachtigde van eiseres en [naam 3] ;
- namens het college: de gemachtigde van het college, [naam 4] en [naam 6] .
Rechtbank Den Haag
Betrokkenen wonen sinds 1996 op een adres nabij een sportterrein dat destijds onder het bestemmingsplan “Centrum, 1e herziening” viel. In 2016 verzochten zij om een tegemoetkoming in planschade vanwege een wijzigingsplan dat woningbouw mogelijk maakte op het sportterrein, wat hun uitzicht, geluidsniveau en nachthinder zou aantasten.
Het college gaf opdracht aan Langhout & Wiarda voor een advies, dat leidde tot een toekenning van € 9.500,- tegemoetkoming. Eiseres maakte bezwaar en stelde dat Langhout onvoldoende deskundig was en dat de schade deels voorzienbaar was, gebaseerd op het bestemmingsplan “Centrum, 1e herziening” dat ruimere bouwmogelijkheden bood.
De rechtbank oordeelt dat het college ten onrechte geen rekening hield met de voorzienbaarheid van de schade. De bouwmogelijkheden onder het oude bestemmingsplan waren ruimer en konden bij de aankoop van de woning in de koopprijs zijn verdisconteerd. Het wijzigingsplan ontnam een planologisch voordeel dat niet voor vergoeding in aanmerking komt. De schade die niet voorzienbaar is, blijft onder het normaal maatschappelijk risico. Daarom wijst de rechtbank het verzoek om planschadevergoeding af en veroordeelt het college en de Staat tot vergoeding van griffierecht, immateriële schade en proceskosten wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Het verzoek om tegemoetkoming in planschade wordt afgewezen wegens gedeeltelijke voorzienbaarheid en normaal maatschappelijk risico.