Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. Eerder had de rechtbank een beslistermijn van zestien weken opgelegd, die op 7 juli 2023 afliep. Op 20 oktober 2023 stelde eiser wederom beroep in vanwege het uitblijven van een besluit.
De rechtbank stelt vast dat de maximale beslistermijn van 21 maanden is overschreden en dat een nieuwe ingebrekestelling niet vereist is omdat eerder al een rechterlijke termijn was gesteld. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard.
De rechtbank legt een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 en bepaalt dat de staatssecretaris binnen vier weken na bekendmaking van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. De proceskosten worden vastgesteld op €418,50 ten laste van de staatssecretaris.