ECLI:NL:RBDHA:2023:20505
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 26 mei 2022. De staatssecretaris had de beslistermijn van zes maanden met negen maanden verlengd vanwege een groot aantal aanvragen, waardoor de termijn op 26 augustus 2023 verliep.
Na eerdere niet-ontvankelijkverklaring van een beroep wegens voortijdige ingebrekestelling, stelde eiser op 29 augustus 2023 opnieuw beroep in nadat de verlengde beslistermijn was verstreken. De staatssecretaris had nog geen besluit genomen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en bepaalt dat de staatssecretaris binnen zestien weken na deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen, conform het 8+8-wekenmodel dat passend is geacht door de Afdeling bestuursrechtspraak. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd bij overschrijding.
De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris ook in de proceskosten van eiser tot een bedrag van €418,50. De uitspraak is gedaan zonder zitting, conform artikel 8:57 Awb Pro.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de staatssecretaris op binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen onder oplegging van een dwangsom.