ECLI:NL:RBDHA:2023:20557
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser heeft op 18 september 2021 een asielaanvraag ingediend. De staatssecretaris heeft niet binnen de wettelijk gestelde termijn van zes maanden, met mogelijke verlenging tot negen maanden, een besluit genomen. Eerder beroep van eiser werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de beslistermijn toen nog niet was verstreken. Na het verstrijken van de verlengde beslistermijn heeft eiser de staatssecretaris in gebreke gesteld en vervolgens beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard omdat de staatssecretaris niet tijdig heeft beslist. De rechtbank legt een beslistermijn van zestien weken op, conform het 8+8-wekenmodel, om zowel het belang van eiser als dat van de staatssecretaris te waarborgen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €7.500 bij overschrijding van deze termijn.
De staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €418,50. De rechtbank heeft het onderzoek zonder zitting gesloten omdat partijen geen zitting wensten. De uitspraak is gedaan door rechter S. Ketelaars - Mast en griffier E.A. Ruiter en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de staatssecretaris moet binnen zestien weken beslissen en betaalt een dwangsom bij overschrijding.