ECLI:NL:RBDHA:2023:3137
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing studiefinanciering wegens ontbreken migrerend werknemerschap bij stage
Eiseres heeft een aanvraag voor studiefinanciering ingediend die door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is afgewezen omdat zij niet kan worden aangemerkt als migrerend werknemer. Eiseres voerde aan dat haar stage, die zij van mei tot november 2021 heeft gelopen, moet worden gezien als reële en daadwerkelijke arbeid en dat zij daarom recht heeft op studiefinanciering inclusief het studentenreisproduct en een deel van de basisbeurs.
De rechtbank oordeelt dat de beleidsregel die migrerend werknemerschap definieert, van toepassing is op arbeidsovereenkomsten en dat de stage van eiseres, ondanks dat zij werkzaamheden verrichtte en een vergoeding ontving, voornamelijk in het belang van haar opleiding was. De stage werd gevolgd in het kader van haar masteropleiding, zij kreeg studiepunten en ontving geen loon, waardoor de stage niet als arbeidsovereenkomst kan worden aangemerkt.
Verder zijn er geen aanvullende feiten die de stage als reële en daadwerkelijke arbeid onder loondienstvoorwaarden kwalificeren. Ook het beroep op het studentenreisproduct en basisbeurs wordt verworpen, omdat alleen het collegegeldkrediet bedoeld is om toegang tot onderwijs te waarborgen en er geen sprake is van discriminatie tussen EU-burgers.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt verweerder niet tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van studiefinanciering wordt ongegrond verklaard omdat de stage niet als reële arbeid wordt beschouwd.