ECLI:NL:RBDHA:2023:3962
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende op 13 november 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Nederland weigerde de aanvraag in behandeling te nemen omdat Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling, gebaseerd op de Dublinverordening en het feit dat Bulgarije het verzoek tot terugname heeft aanvaard.
Eiser stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is vanwege de slechte situatie voor asielzoekers in Bulgarije, waaronder pushbacks en gebrek aan opvang en rechtsbijstand. Hij verwees naar jurisprudentie en landeninformatie ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen had geleverd dat hij als Dublinclaimant een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. De situatie in Bulgarije en de garanties van de Bulgaarse autoriteiten rechtvaardigen geen uitzondering.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank wees erop dat eiser bij problemen in Bulgarije gebruik kan maken van klachtenprocedures en dat zijn algemene verwijzingen niet voldoende waren om het besluit te vernietigen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.