ECLI:NL:RBDHA:2023:4289
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen voorziening negatief resultaat overige werkzaamheden voor oude jaren; box 3-heffing geen individuele en buitensporige last
Eiser, voormalig manager bij een stichting, ontving provisies die hij als resultaat uit overige werkzaamheden (ROW) heeft aangegeven over 2004-2010. Na ontslag en een aansprakelijkstelling wegens schadevergoeding, vormde eiser een voorziening negatief ROW voor 2014, erkend door het Gerechtshof Den Haag. Eiser wilde deze voorziening ook toepassen op 2012 en 2013, en de betaalde belasting over 2008-2010 verrekenen.
De Belastingdienst legde aanslagen IB/PVV op over 2015-2017 waarbij geen voorziening negatief ROW werd toegestaan, en het box 3-inkomen werd vastgesteld inclusief bezittingen ondanks conservatoir beslag. Eiser maakte bezwaar tegen de aanslagen en de box 3-heffing, stellende dat deze onjuist waren en tot een individuele en buitensporige last leidden.
De rechtbank oordeelde dat voor 2012 en 2013 geen voorziening negatief ROW kan worden gevormd omdat de aanslagen onherroepelijk vaststaan en de termijn voor ambtshalve vermindering is verstreken. Verrekening van belasting over 2008-2010 is niet mogelijk. De box 3-inkomens over 2015 en 2016 zijn terecht vastgesteld, ook gezien het beslag. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen expliciete toezegging is gedaan.
De rechtbank verklaarde het beroep over 2015 gegrond vanwege een onjuiste verhoging van het box 3-inkomen, en de beroepen over 2016 en 2017 ongegrond. Tevens oordeelde zij dat de box 3-heffing geen individuele en buitensporige last vormt voor eiser. Dotatie van box 3-belasting aan de voorziening negatief ROW is niet toegestaan. Verweerder werd veroordeeld in proceskosten en terugbetaling van teveel geheven griffierecht.
Uitkomst: Het beroep over 2015 wordt gegrond verklaard en de beroepen over 2016 en 2017 ongegrond verklaard; aanslag 2015 wordt verminderd.